Willibrord Huisman Homepage
www.willibrordhuisman.nl

Webstek

vuller
Blogjes:
- alles
- alleen onderwijs
- alleen koorwerk
- alleen kinderwerk
Onderwijsadvies
- adviseur
- toetstoetser 
- redacteur 
- spreker 
- elementen
- documenten
- papers
Koorwerk
- nieuwsbrief
- compositiesNaar een submenu in deze website 
KvK 54336031 
Contact & colofon 

Elders

vuller
Passieproject 
Campuskoor 
Kinderkerk 

Nostalgie

vuller
Huis van Huisman 1997
HomePage van Eva 
Muizenissen (column)
IOWO  
Studienet 2001Opent nieuw venster of nieuw tabblad 
Ou Online 1994Opent nieuw venster of nieuw tabblad 
Proefschrift 1990

 

Blogjes over onderwijs

Selectie: u ziet alleen de blogjes over onderwijs en onderwijsadvies.
29 januari 2020

Theekransje over informeel leren

Het is mooi om te zien hoe de Radboud Universiteit steeds meer aandacht heeft voor zorgvuldig onderwijs in de breedste zin. De Onderwijsdagen 2020: maar liefst vier dagen lang, 60 sessies, bijna 400 deelnemers.

Ik hou wel van die 'breedste zin'. Normaliter adviseer ik over efficiëntie en doelgerichtheid, maar dat is maar de helft van het verhaal. De andere helft is je ontwikkeling - levenslang - tot integere, kritische, maatschappelijk betrokken academicus. Dat gebeurt vooral ongemerkt, buiten je opleiding, in het "informele leren".

Laten we daar dan maar eens over van gedachten wisselen: een workshop over informeel leren. Maar ja, dat doe je natuurlijk niet met een strak gestructureerde vooropdracht en een systematisch opgebouwde powerpoint. Nee: een theekransje, en praten maar.

Een boeiend en leerzaam gesprek, ook dankzij de inbreng van studenten. Het blijkt nog best lastig om informeel leren te willen stimuleren zonder het meteen te gaan formaliseren en in een opleiding te stoppen. Faciliteren, is dat een beter werkwoord?

Theekransje voor aanvang.
Het theekransje voor aanvang van het theekransje.

11 december 2019

Interprofessionaliteitsonderwijs

Alweer zo'n buitenkans. Ik raak betrokken bij een project waarin onderwijs wordt ontwikkeld, of leermateriaal, of coaching, afijn, een soort handleiding die professionals in de zorg moet helpen te leren interprofessioneel samen te werken. Waarbij dat leren zelf ook interprofessioneel gebeurt. En waarbij bovendien dat ontwikkelproject óók interprofessioneel is: een samenwerking tussen HAN en RadboudUMC.

Een relevant project - ik heb die interprofessionaliteit van dichtbij meegemaakt. En een duizelingwekkend project, met allerlei kansen om er veel te veel bij te halen en daardoor de kern uit het oog te verliezen.

Als relatieve buitenstaander help ik vooral met het scherp krijgen van het begrippenkader en de competentiebeschrijving van de 'IPE-docent'. Fascinerend!

Neem een kijkje in de keuken: Begrippenkader, versie 1. Kan dat op een half A4'tje? Waarschijnlijk volgende week alweer verbeterd. Suggesties? Commentaar? Graag!

Zorg rondom de patiënt.
Interprofessionele zorg bij traumaopvang.
Foto © Frank Muller Zorg in BeeldNaar pagina elders in nieuw venster.

19 september 2019

Examinatorprofiel

De examencommissie is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de toetsing van de studentcompetenties. Daartoe moet zij examinatoren aanstellen, zo staat het in de wet.

Wel, dat is eenvoudig: voor elk vak is er een coördinerend docent, die toch al de toetsing uitvoert; dan wordt die de examinator, en die zorgt voor de kwaliteit van de toetsing.

Zo ging het, en zo gaat het veelal nog op de universiteiten. Maar het begint geleidelijkaan ongemakkelijk te voelen. Dus toetsen sommige examencommissies steekproeven van de toetsing en geven ze hun bevindingen door opdat die toetsing beter wordt; dit heet 'borging'.

Andere vragen zich af of al die examinatoren wel vanzelfsprekend bekwaam zijn. We kregen de vraag of we konden beschrijven wat een examinator zou moeten kunnen om verantwoord te kunnen toetsen.

Drie collega's en ik hebben een conceptprofiel (pdf) opgesteld. Maar nu? Niemand wil een tweede BKO-procedure, zoals in het hbo een BKE en SKE nu gebruikelijk is. Maar wat dan wel?

Ik ben er de komende jaren nog wel mee bezig, denk ik. Best interessant, en wie weet komt het nog goed met die borging...

Tekeningen (c) Eva Huisman, 2011
Tien jaar geleden vroeg ik dochter Eva plaatjes te tekenen voor mijn presentaties. Een boog (metafoor voor het leerdoel: je kunt een boog bouwen, knap lastig); inadequate toetsing (je herkent metselverbanden, D is correct); een welwillende begeleider; en een kritische examinator.
In de universitaire onderwijspraktijk zijn begeleider en examinator vaak dezelfde persoon.

22 maart 2019

Noodgedwongen groepswerk

De meeste studenten balen van groepsopdrachten en doen alles om de kantjes ervan af te lopen. Heel verstandig, want ze hebben meer te doen, halen toch wel een voldoende en zeker geen hoog cijfer, en leren er sowieso niet zoveel van. Pijnlijk, ook voor de docenten, die het groepswerk meestal invoeren omdat ze wel moeten: steeds minder docenttijd, steeds meer studenten.

Toch hoeft het niet zo te gaan. Er zijn twee benaderingen mogelijk.

De ene is: laat studenten alleen in groepen werken als het kunnen samenwerken het leerdoel is, dat ook individueel getoetst wordt. Dit 'formeel groepswerk' is knap ingewikkeld, het kost veel student- en docenttijd, en het werkt uitstekend. Maar: je moet er dus wel die docenttijd voor hebben.

De tweede benadering houdt in dat je onderkent dat groepswerk wordt ingevoerd om te bezuinigen op docenttijd. We bedachten er de term 'noodgedwongen groepswerk' voor. Kunnen samenwerken is niet het primaire doel en het wordt ook niet getoetst. Hoe kun je zorgen dat het toch zinnig en nuttig is?

Collega Marleen Hofman en ik schreven op verzoek van de sociale faculteit een inspiratiedocument met drie uitgewerkte voorbeelden. Reacties? Graag!

Zie de documenten en powerpoints in:

Klik voor vergroting. Maar beter: open element 67
Schema van een methode die samenwerking en individueel werk combineert en beide toetsbaar maakt. Geanimeerd is het schema begrijpelijk; zie de powerpoint.

17 januari 2019

Levendige keynote

Of ik een keynote wilde verzorgen voor een docentenstudiedag van de verpleegkundeopleiding van de HAN. Maar natuurlijk! Precies mijn ding.

Maar dan: oeps, een vol uur! Ervaren onderwijsontwikkelaars en beginnende docenten door elkaar. Een lijst van gewenste onderwerpen, lang genoeg voor een dag. Voor je het weet ben je in een noodtempo allerlei inhoud erdoorheen aan het jassen zonder je nog om het doel van de keynote te bekommeren, en verdwijnen de mensen al helemaal buiten beeld.

Ik heb er een bont geheel van gebakken: met stekelige stellingen, stemkaartjes, energizers (iedereen aan het zingen krijgen, makkie), bonte maar functionele animaties, veel advies en moraal, en humor, want dat kan ik nou eenmaal niet laten.

En: studenten. Op mijn verzoek waren er vijf studenten bij. Want daar gaat het immers om. En ze waren er niet alleen, ze hadden ook een waardevolle inbreng.

Bekijk de powerpoint () - en zie hoe het kattenfilmpje uiteindelijk nog bijdroeg aan de gezongen samenvatting. Dank, HAN, voor deze plezierige klus!

De doelgroep is best bereid even met hun stemkaartjes te poseren. Vooraan in het midden zitten de studenten, die met hun aanwezigheid en hun commentaar zorgden voor het juiste perspectief: onderwijs gaat immers om studenten.

13 november 2018

Leerdoelen onderschrijven

Mateloos fascinerend: leerdoelen. Al een jaar of tien adviseer ik over leerdoelen. Ik word er almaar handiger in - en tegelijkertijd is het steeds minder nodig. Docenten zien inmiddels zelf het belang in van goed geformuleerde leerdoelen op het juiste niveau, naadloos passend op de toetsing.

Maar daarmee zijn we er nog niet. Er zijn ook nog studenten - eigenlijk zouden het hun leerdoelen moeten zijn. Hoe krijg je de studenten zover dat ze die leerdoelen, eh...

Ja, dat was lang zoeken, naar een passend werkwoord. "Omarmen" had ik al lang, maar dat klinkt zo wee. "Internaliseren" is de vakterm. Maar nu gebruik ik "onderschrijven". Dat is ook leuk, want meestal zijn het de docenten die de doelen schrijven en de studenten die ze - hopelijk - onderschrijven. Precies zo komt de perspectiefwisseling naar voren.

Zodra ik de tijd vind, ga ik mijn adviesmateriaal hierop bijwerken.

Wil je nu al wat zien? Lees wat 'werk in uitvoering':

Verstandige studenten zorgen dat ze de toets halen. Maar vaak heeft de docent leerdoelen voor ogen die veel hoger grijpen dan de toetsing. Dan gaat het mis in het onderwijs, tot frustratie van de docent. Ik noem het graag didactische inconsistentie (63).

17 aug 2018

Drie jaar Radboud Summer School

Opnieuw een week lang hard werken en veel vrolijkheid: twaalf docenten van over de halve wereld over de vloer voor onze cursus "How to Become an Excellent Lecturer?".

Een schitterende ervaring, zowel voor hen als voor Marleen, Oliva en mij - onderwijsadviseurs van de afdeling Onderwijsondersteuning van de Radboud Universiteit.

Voor hen vanwege de week buitenland, de week 'onderdompeling', en de vele nieuwe ideeën die ze opdeden uit het voor hen behoorlijk innovatieve Nederlandse universitaire onderwijs. En voor ons vanwege de uitdagingen om met zo'n diverse doelgroep te werken, om te gaan met hun verschillende achtergronden, interesses, en met de mogelijkheden en beperkingen die ze op hun eigen werk hebben.

Ze waren opnieuw laaiend enthousiast, voor het derde jaar op rij. Ik ook!

Augustus 2018: één van de cursisten is jarig en staat op een stoel. De overigen hebben ijverig "Lang zal ze leven" ingestudeerd, inclusief hiephiephoera. Zie en hoor de vrolijke video

28 juni 2018

Toetskwaliteitstoezichthouder

En plotseling was ik voor drie jaar achtereen 'extern toetstoezichthouder'. Niet mijn ding, dacht ik eerst, om als onafhankelijk buitenstaander te controleren of de toetsing en beoordeling van een weloverwogen masteropleiding van de HAN wel deugt. Ik ben meer adviseur dan controleur.

Maar het viel mee. Sterker, het was een heel interessante opdracht, waarover de opdrachtgever (Instituut HAN MasterprogrammaNaar pagina elders in nieuw venster), de opleidingsverantwoordelijken (opleiding Master Physician AssistantNaar pagina elders in nieuw venster) en ik zelf erg tevreden waren. Want ik kreeg de ruimte om naast 'in orde' of 'verdient aandacht' ook advies te geven. Dat hielp.

Nochtans was het geen eenvoudige opdracht. Hoe krijg je in 20 uur voldoende overzicht om er nog wat van te vinden ook? Maar het lukte, dankzij de enthousiaste medewerking van de docenten én de studenten. Een hele ervaring rijker.

En: die opleiding zit heel goed in elkaar. Bravo, HAN!


30 maart 2018

C'est le ton qui fait la musique

Typerend voor de onderwijsadviseur is dat die de docent helpt door juist te kijken vanuit het perspectief van de student, of ook vanuit het beroepenveld waar de student later zal werken. De docent is, terecht, in eerste instantie bezig met het vakgebied en met doceren. Samen levert dat beter onderwijs en betere afgestudeerden.

In mijn advieswerk merk ik dat taal een gemakkelijk handvat is zo'n verbetering tot stand te brengen. Doorgaans propageer ik het gebruik van 'je' (met je = de student). Maar ook het kiezen van actiewerkwoorden helpt enorm. Oude doelen als 'de student heeft kennis van (...)' veranderen dan in, bijvoorbeeld: 'je ontwerpt (...) onder gebruikmaking van je parate kennis van (...)'.

Kijk gerust eens in de keuken:

Bij gebrek aan een adequaat plaatje neem ik deze maar op. Een (echt ongefotoshopte) foto van een zendmast die in duistere tijden verhelderend over de zelfgrazende schaapjes waakt. Engeland, 2005.
Een metafoor voor de docent?

7 februari 2018

Schrijf heldere opdrachten

Een doorlopend onderdeel van mijn advieswerk is het begeleiden van docenten bij het schrijven van opdrachten. Weldoordachte, goed gestructureerde en goed geformuleerde opdrachten zorgen ervoor dat de studenten doelgericht en efficiënt werken, en daardoor leren.

Maar in veel onderwijs zijn die opdrachten impliciet. Als je ze expliciteert, blijkt vaak dat je nog eens moet nadenken. Wat betekent "Volg mijn college" eigenlijk? Wat verwacht je dan dat de studenten doen? En waartoe zouden ze dat doen? Hoe weten ze of ze dat goed doen?

Dat soort zaken regel je met opdrachten, of studietaken, of activiteiten, net hoe je ze noemen wilt. Ik pleit ervoor om cursussen te presenteren als een sluitende reeks opdrachten. Al het andere, ook de colleges, staan in dienst van die opdrachten.

Ik werk al twintig jaar met een opdrachtsjabloon, dat zich geleidelijkaan ontwikkeld heeft. Onlangs heb ik een kopie daarvan voorzien van toelichting, van onderwijskundige en  van Word-technische aard.

Je kunt er mee aan de slag als je wilt. Ik hoor graag je bevindingen!

  • De lege opdrachtsjabloon: .docx
  • Idem, met aanwijzingen: .docx

1 november 2016

Tien jaar nieuwsbrieven

Ooit was ik onderwijstechnoloog en handig met computers. En ik schreef makkelijk. Dus werd ik bij IOWO al snel webmaster en initiator van de e-mail-nieuwsbrief; indertijd noodzakelijk om ons bedrijf goed te profileren in heel onderwijsland. De nieuwsbrief was meermalen de directe aanleiding voor nieuwe opdrachten.

Inmiddels zijn we de interne afdeling Onderwijsondersteuning en ligt de lat niet lager, maar wel anders. We zorgen dat de RU-docenten überhaupt weten dat we bestaan. Vertellen wat we doen, wie we zijn, en wat voor activiteiten we bieden. 

En na een paar jaar werkt het. Alle RU-docenten-in-brede-zin ontvangen de nieuwsbrief en maar liefst 50% leest hem ook nog, inclusief vervolgbezoek aan onze website. En aan ons zelf.

Maar nu laat ik website en nieuwsbrief graag aan collega's over. Einde van een tijdperk!

Statistieken van de editie oktober 2016
De helft van de ontvangers opende de laatste nieuwsbrief; daarvan openen de meesten hem later nog een of twee keer.

26 augustus 2016

Studentassistentencursus

Of ik een collega wilde vervangen bij het leiden van een cursus voor studentassistenten. Zoiets had ik nog nooit gedaan! Over lastige situaties bij het begeleiden van studenten die maar een paar jaar jonger zijn dan jezelf. Over omgaan met interculturele misverstanden. Over je positie vinden ergens tussen student en practicumleider. Heel iets anders dan doelen formuleren, toetskwaliteit beoordelen, rubrics inzetten.

Gelukkig ben ik zelf ook nog studentassistent geweest - zonder cursus - en kon ik me die situatie nog goed voor de geest halen. Wat was het leuk om te doen. Niet alleen voor mij, ook voor hen. En nuttig. Een pluim voor de faculteit NWI, die alle studentassistenten zo'n cursus biedt. En ze komen ook allemaal. Bravo!

Lastige situaties behandelen in subgroepjes
Practicumassistenten Moleculaire Wetenschappen oefenen lastige situaties. Eén speelt een student, één de assistent, één observeert, en dan nabespreken en rouleren.

5 August 2016

How to Become an Excellent Lecturer

Wie had dat gedacht. We - dat is de afdeling Onderwijsondersteuning - deden mee met de Radboud Summer School; en zowaar schreven zich twaalf cursisten in van over de hele wereld, precies wat we gehoopt hadden.

En wat we gevreesd hadden gebeurde ook: een voor mij geheel onbegrijpelijke crisis rond de participatie van één van de cursisten, meteen al op de ochtend van de eerste dag. Pas laat in de middag kwam het weer goed - en de volgende dag deed hij actief mee en had voortdurend een constructieve inbreng.

Gelukkig gebeurde ook wat we bedoeld hadden: een voortdurende wisselwerking tussen de cursisten op grond van hun eigen ervaringen en hun verschillende culturele achtergronden - om op die manier met een veel rijkere visie op docentschap naar huis te kunnen gaan.

En: erg tevreden cursisten. Volgend jaar doen Garine en ik het opnieuw!

Participants of Summer Course 2016
Course participants and course leaders of the Radboud Summer School course How to Become an Excellent Lecturer, 2016.
Rechtsachter: course leaders Sven VrinsNaar pagina elders in nieuw venster, Noël VergunstNaar pagina elders in nieuw venster, mijzelf, en op de voorgrond Garine ApikianNaar pagina elders in nieuw venster .

26 mei 2016

Actief toetsprogramma

Graag zie ik leren als iets wat je zelf doet. Ik houd niet zo van onderwijstaal waarin studenten het lijdend voorwerp zijn, of zelfs geheel afwezig - "De colleges behandelen de stof." Logisch dat er dan geklaagd wordt over 'passieve studenten'.

Maar kun je ook over toetsing schrijven met de student als onderwerp? Met de student als impliciet veronderstelde lezer - dus 'je'? Dat wilde ik graag proberen. "Doe maar" zei het Naar een positie verderop in deze webpagina toetsteam van de Medische Faculteit.

Het ging, en het zit nu in de officiële stukken - die nauwelijks door de studenten gelezen worden, maar dat doet er niet toe. Het gaat om het perspectief.

Oordeel zelf: Toetsprogramma GNK/BMW 2016 (PDF) (fragment).


11 december 2015

Tot de zes ons scheidt

U kent het wel. Een student is eigenlijk niet in staat een afstudeerscriptie op het vereiste niveau te schrijven. En u blijft maar begeleiden, totdat het, uiteindelijk, wel voldoende is.

Dat doet op veel manieren pijn. Is het echt voldoende? Kan uw opleiding dat verantwoorden? En zo ja, wiens werk is het eigenlijk - van de student of van de begeleider?

Maar ja, je moet wel. Je laat een student niet vallen, na drie jaar.

Met collega Oliva Peeters verzorgde ik vorige maand een seminar over deze genadezesjes. Eerst even over die 'pijn' - ook van de student - en dan over de 'therapie'.

De therapie die ik presenteerde is eigenlijk best simpel: maak één beoordelingsschema dat door iedereen gebruikt wordt, en laat de studenten van begin af aan scripties schrijven, in steeds complexere vorm, en beoordeel telkens met dat ene schema.

We vroegen het aan de deelnemers. Is dit haalbaar in een 'gewone' bacheloropleiding? Sommigen vonden van wel, voor anderen was het nog een flinke brug te ver. Er is nog een hoop te doen!

  • Bestudeer de PPT van het seminar
    (ik hoop binnenkort een versie met toelichting te maken)
  • Lees de seminarbeschrijvingNaar pagina elders in nieuw venster
  • Dat schema, maak dat in de vorm van een Naar een positie verderop in deze webpagina rubric.
Ideaalschema (in de ppt is deze geanimeerd)
Basisschema om te voorkomen dat pas aan het eind van de bachelorfase blijkt dat een student niet in staat is een voldoende afstudeerwerk te schrijven. Ingrediënten:
1) Als het uiteindelijk gaat om die scriptie, laat studenten dan ook van begin af aan substantieel werken aan scripties.
2) Zorg dat studenten, begeleiders en beoordelaars van begin af aan begrijpen waar een scriptie aan moet voldoen (= maak een rubric).
3) Beoordeel van begin af aan vooral de scripties, in plaats van losstaande kennisreproductie, en baseer daar het studieadvies op.  

8 oktober 2015

Niet zomaar een toetsteam

Anderhalf jaar geleden kwam er schot in: we gingen fundamenteel nieuwe curricula ontwerpen voor de opleidingen Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen van de Radboud Universiteit.

Zelfstandig lerende studenten, zelfsturend in een flexibel curriculum: hoe voorkom je dat die verdwalen? Door ze goede middelen in handen te geven om te bepalen waar ze zijn en waar ze heen willen.

Zulke middelen heten toetsen.

De medische faculteit vroeg mij erbij, in het toetsteam, onder leiding van Marc Vorstenbosch en Mieke Latijnhouwers. Samen ideeën ontwikkelen over de rol van toetsing in de nieuwe opleidingen, voorstellen doen, ze uitwerken tot hulpmiddelen voor ontwikkelteams, cursussen opzetten. Inspirerende vergaderingen met veel wikken en wegen, altijd leidend tot producten waar de ontwikkelaars mee aan de slag konden.

Ik had een keer of wat de prettige taak zulke producten uit te werken. De drie mooiste:

Downloaden & gebruiken? Graag! Reacties? Nog grager!

Toetsteam peinst zeer diep over de nieuwe longitudinale toets.
V.l.n.r. Thom Oostendorp, Marc Vorstenbosch, Willibrord Huisman, Michiel Kornelissen, Mieke Latijnhouwers.
Niet op de foto: Ron Leunissen, Jitske Aben, Giel Bosman.

14 augustus 2015

BKO-cursus opnieuw uitgedacht

Inmiddels begeleid ik bijna 4 jaar de BKO-cursus over toetsing. Die is in 2004 door Riekje de Jong en collega's opgezet. Dankzij de uitgekiende Naar een positie verderop in deze webpagina peerreviewopdrachten loopt de cursus vrijwel vanzelf: je ziet de cursisten hard werken en veel leren in de forums. In de bijeenkomsten bespreken we vervolgens de extra onderwerpen die door de cursisten worden aangedragen.

Maar na tien jaar begon de inhoud te kraken. De oude cursus was vooral gericht op de relatie tussen doelen en toetsen. Indertijd waren veel cursusdoelformuleringen nog écht slecht, zo ze er al waren; en de toetsing stond er vrijwel los van. Dat is nu in de meeste opleidingen flink verbeterd.

Tijd voor een nieuwe aanpak - meer flexibiliteit - en een nieuwe inhoud. De cursus gaat nu uit van de vijf functies van toetsing. Met alleen een psychometrisch correcte, valide en betrouwbare toets ben je er nog lang niet. Hoe zit het met de richtende en bijsturende functie van toetsing? Wat doen we met de toetsanalyses? Staat het allemaal behoorlijk opgeschreven?

Ik heb het samengevat met het woord effectief. Vijf functies, vijf effecten. Zijn die allemaal te realiseren?

Schermafbeelding van webpagina met cursusbeschrijving
De cursusbeschrijving op de website www.ru.nl/oo/courses/bko6Naar pagina elders in nieuw venster

17 juni 2015

Groepswerk beoordelen, kan dat wel?

Als een student naar u toekomt en zegt "maar ik heb er erg hard aan gewerkt", geeft u dan een hoger cijfer? Vast niet.

Maar bij groepswerk is dat heel gewoon. De groep levert een prestatie, die prestatie wordt beoordeeld, en wie er harder aan gewerkt heeft krijgt een hoger cijfer. Om liftgedrag te voorkomen.

Goed beschouwd is dat een vreemde zaak. Een cijfer dient niet om iemand voor ijver te belonen, maar om diens individuele bekwaamheid aan te geven. Dat is iets heel anders.

Op verzoek van de Medische Faculteit verkenden Mieke Latijnhouwers en ik het probleem. Groepswerk is uitermate nuttig, vooral als afgestudeerden geacht worden om bewust en efficiënt in groepen te kunnen werken. Dat betekent dat dat getoetst moet worden. En dat betekent dat ze het moeten kunnen leren in hun opleiding. Het betekent zelfs, dat ze moeten leren om zichzelf en elkaar te beoordelen op hun functioneren in de groep.

Een heikele zaak, maar je ontkomt er niet aan, als je tenminste de studenten en hun eindkwalificaties serieus wilt nemen.

We schreven er een notitie over, vol adviezen voor docenten die deze weg in willen slaan. 

Zie element 68 Het beoordelen van formeel groepswerk.

Klik voor vergroting. Maar beter: open element 67
Analyse van doelen en toetsbaarheid van groepswerk.
Vaak wordt volstaan met het beoordelen van het eindproduct (A), stilzwijgend veronderstellend dat die beoordeling geldig is voor individuele bekwaamheid (D).
Maar eigenlijk gaat het om het bepalen van de individuele bekwaamheid tot samenwerken in een groep (C).

28 februari 2015

Rubrics!

Menig docent, soms zelfs een student, heeft het magische woord al gehoord: rubrics. Het meervoud van rubric, beoordelingsvoorschrift, oorspronkelijk (en nog!) de rode letter waarmee de liturgische voorschriften in misboeken werden onderscheiden van de zwarte liturgische teksten.

Zo, daarmee is het woord verklaard. Maar wat is nou een rubric? En waarom zijn rubrics zo hot?

Wel, ze maken expliciet wat eerst impliciet was. Ze slaan de brug tussen beoordelen en leren. Ze worden gemaakt door docenten en studenten. Ze zijn veel concreter dan doelformuleringen. Ze geven narratieve feedback, ook als het om 500 studenten gaat. Ze zijn nooit af.

Enzovoorts.

Voor het mondeling tentamen Klinisch redeneren ontwikkelden we per ongeluk een rubric: het was eerst een lijst, toen bleek een tabel handiger, en zie! Inmiddels gaan we rubrics op veel groter schaal inzetten in de nieuwe opleidingen Geneeskunde en Biomedische wetenschappen. En mijn cursisten BKO, die willen er ook altijd meer over weten.

Zie en gebruik element 65 Richten en toetsen met rubrics.
Ik stel uw reacties zeer op prijs!

Klik voor vergroting. Maar beter: open de pdf
De rubric voor het beoordelen van het klinischredeneervermogen volgt de 4-tot-10 cijferschaal. Met ruimte voor extra feedback.

8 februari 2015

Toetsen, hou het zuiver!

Veel studenten weten niet beter: de begeleider beoordeelt. Logisch, want die ziet zowel je eindresultaat als je ontwikkeling.

Maar die rolvermenging zorgt voor problemen. Zo moet je, om te kunnen leren, vooral fouten kunnen maken en om hulp kunnen vragen. Durf je dat wel? Want datzelfde leerproces wordt ook beoordeeld. Vroeg je veel begeleiding? Maakte je veel fouten? Punt eraf!

Voor de beoordelaar/begeleider is het evenmin eenvoudig. Negeerde de student je begeleiding? Werkte je begeleiding averechts? Of droeg je zelf bij aan het eindproduct? Hoe verreken je dat?

Het lijkt een ontontwarbare kluwen, maar dat is het niet. Het helpt als je begeleiden duidelijk scheidt van beoordelen. Dat zijn twee verschillende functies, verschillende activiteiten en verschillende rollen, liefst zelfs verschillende personen. En als je ze dan toch wilt vermengen, schrijf op hoe je dat doet. En wel zo, dat de studenten het begrijpen.

Met dank aan het toetsteam van de Medische faculteit heb ik het in de afgelopen jaren redelijk helder gekregen. Het meeste zit in de powerpointschema's die ik ondermeer in de BKO-cursus Effectief toetsen en beoordelen gebruik.

Nu heb ik die schema's voorzien van commentaar. In de vorm van geeltjes: een soort zelfstudiemodule.

Zie element 67 Toetsing, terugkoppeling, beoordeling.

Klik voor vergroting. Maar beter: open element 67
Het schema voor beoordelende ('summatieve') toetsing.
Er is ook een schema voor educatieve ('formatieve') toetsing. Dat ziet er geheel anders uit, want het is ook iets heel anders.

13 januari 2015

Wat is eigenlijk de bedoeling?

Vijftien jaar geleden moest je op sommige faculteiten maar beter niet over leerdoelen beginnen. Later kregen docenten hun cursusbeschrijving niet in de database opgeslagen als het veldje 'leerdoelen' nog leeg was; er moest wat staan.

Maar inmiddels ziet iedereen wel in dat formeel onderwijs niet kan zonder expliciete doelen. Maar hoe expliciteer je die doelen? Is er een standaard recept?

Dat is er zeker: gebruik je gezond verstand. Een visie op leren, onderwijzen en toetsen helpt. Praten met collega's, werkveldvertegenwoordigers, en studenten helpt nog veel meer.

En taalvaardigheid. Want zelfs als je weet wat de doelen zijn is het nog ontzettend lastig om ze helder en bruikbaar te formuleren. Maar dat kun je ook omkeren: als je doelen kunt formuleren, is het gemakkelijker om de doelen te vinden.

U vindt praktische, soms eigenwijze, raad in onderwijsadvieselement 66 Doelen bepalen en beschrijven. Graag reacties!

Een taaladvies: werk met vaste doelen en wisselende voorloopzinnen, afhankelijk van de context waarin het doel benoemd wordt. Het helpt enorm.

26 december 2014

Studeren met de muis reloaded

In 1997 lanceerde de Open universiteit haar derde elektronische leeromgeving, onder de naam Studienet. Dat was wat, want een deel van de studenten én docenten kon toen nog nauwelijks met een computer overweg. En waar was dat Studienet eigenlijk goed voor?

Ik heb toen de (papieren) brochure 'Studeren met de muis' geschreven. Er zou ook een handleiding komen, maar al gauw werd duidelijk dat dat geen zin had: het moest een online practicum worden, gericht op effectief studeren met Studienet.

Zo is het practicum ontstaan; ik heb er twee jaar lang aan geschreven, tegelijk met veel toelichting en verbeteringen rond Studienet zelf.

Nu heb ik de kerstdagen doorgesleuteld en het allemaal na vijftien jaar weer online gezet; op een plek waar Google niet komt. Met de kern van het toenmalige Studienet erbij.

Het zijn 1100 webpagina's, dus u kunt prettig dwalen. En... probeer muisexamen B maar eens. Werken met vensters, wie kan dat nog in deze tijd?

De startpagina van Studeren met de muis. Studenten en docenten kwamen hier via hun persoonlijke werkplek op Studienet, wellicht na het lezen van de gedrukte introductie op Studienet.
Was je er eenmaal, dan kon je vrijelijk je gang gaan. De meesten begonnen bij een 'muisexamen': eerst kijken wat je kunt met Studienet, en daarna weet je wat je nog zou kunnen oefenen. 
Het werkte: de digibeten begonnen met examen A, de durfals met Q. Voor mijn latere docentencursus was het slagen voor muisexamen J een ingangseis. En er kwam een 'muisparcours' voor wie alles op volgorde wou zien.

9 september 2014

Weblectures, flippen die vanzelf?

Het leuke van het vakgebied Onderwijs & ICT is dat nieuwe ontwikkelingen vaak beginnen bij de oplossing van een probleem dat helemaal niet als probleem gevoeld wordt; en bovendien lost die oplossing dat probleem maar half op, en op den duur een boel andere juist wel.

Voor veel docenten was dat ooit e-mail, toen Powerpoint, later Blackboard, en nu 'Weblectures'. Plotseling wordt volautomatisch je college opgenomen en kun je het via Blackboard aan je studenten ter beschikking stellen. Daar zaten de meeste docenten echt niet op te wachten (de studenten wel).

Volgens het klassieke patroon substitutie - transitie - transformatie kunnen we verwachten dat de docenten hun eenmaal opgenomen colleges gaan verknippen, hermonteren, aanvullen, en als leermateriaal ('kennisclips') aan de studenten voorleggen terwijl de studenten de collegetijd besteden aan het werken met dat leermateriaal, eventueel onder begeleiding van de docent. Zo gaat dat. Een transformatie van het onderwijs ten gevolge van de substitutie van de hoorcollegezaal door video's.

Dat wordt met een mooi modewoord 'flippen' genoemd. Sommige docenten flipten hun onderwijs al jaren geleden, voor anderen ligt het ver achter de horizon. Op de Radboud Universiteit wordt de weblecturevoorziening nu systematisch ingevoerd. We gaan het meemaken!

Schema over social tagging, uit de zelfstudiepowerpoint
In 2012 schreven Frans Janssen en ik een beleidsnotititie over de invoering van Weblectures aan de Radboud Universiteit. De notitie bevatte een overzichtstabel van vormen en functies van video in het hoger onderwijs, en verwees naar een powerpoint die ik voor de commissie samenstelde.
Zie de tabel en de powerpoint, in onderwijsadvieselement 16.

23 augustus 2014

Tien jaar peer review in good old Blackboard

We hebben er geen taart op aangesneden, maar het had best gekund. Tien jaar geleden bespraken Bea Edlinger en ik de inrichting van de nieuwe BKO-cursussen voor docenten. Er waren alom agendaproblemen te verwachten, dus we kwamen al gauw op: bijeenkomsten alleen indien strikt nodig. Maar hoe moest dan de rest van het werk plaatsvinden?

Op de Open universiteit had ik gezien hoe heilzaam online contact tussen studenten kan werken, en hoe effectief dat kan zijn als het goed opgezet wordt. Laat ze zelfstudieopdrachten maken en de resultaten daarvan bespreken in forums; en de resultaten dáárvan misschien in een bijeenkomst.

Het leidde tot een opzet van onze BKO-cursussen die in tien jaar niet wezenlijk gewijzigd is. Aanvankelijk was nog een hele middag nodig om te leren werken met het toenmalige Blackboard; daarvan is nu alleen een (verplichte!) online opdracht over het nut van ordelijk forumwerk overgebleven.

Daarna loopt zo'n BKO-cursus vaak vanzelf; als begeleider sta je erbij en kijkt ernaar en knikt af en toe digitaal. Met vervolgens een bruisende bijeenkomst.

Cursisten reviewen elkaars werk in een Blackboardforum, 2004

11 augustus 2014

Zes jaar voortgangstoetsvoortgang

Voor de zesde keer help ik de Nederlandse KNO-artsen bij het ontwikkelen van een kennisvoortgangstoets. Aanvankelijk deed ik dat via IOWO, nu zelfstandig, via het Utrechtse Centrum voor Onderwijs en Leren, in samenwerking met ITS. Een fascinerende opdracht, die zich elk jaar grotendeels in de zomer afspeelt.

De toets meet het kennisniveau van KNO-artsen. Vooralsnog wordt de toets alleen afgelegd door assistenten in opleiding tot specialist (AIOS), maar het is alleszins denkbaar dat ook zittende artsen de toets gaan gebruiken om te zien in hoeverre ze op de hoogte blijven van het snel veranderende veld.

Bijzonder is, dat deze toets elk jaar opnieuw door achttien specialisten in de acht opleidingscentra wordt ontwikkeld. Geen toetsspecialisten, nee, KNO-specialisten. Hoe krijg je die zover dat ze ieder bijtijds, op afstand, acht adequate toetsvragen aanleveren? Dat vereist heldere instructie, kennis van zaken, begeleiding, soms ook tact en volharding.

Voilà mijn 'zomerwerk'. Eerst ging het via Blackboard, toen met een online systeem; maar inmiddels blijkt een weloverwogen Wordsjabloon de beste resultaten te geven. Het levert ieder jaar weer een mooie toets van 144 vragen die op acht plekken in het land online wordt afgenomen.

Piramide van Miller, met advies over toetsing; klik voor vergroting in nieuw venster
Beginners schrijven vaak meerkeuzevragen die naar losstaande feiten vragen. Helaas zegt de uitslag van de toets dan vooral iets over het vermogen kennis te reproduceren; maar dat willen we helemaal niet weten. We willen weten of iemand in een gegeven situatie de juiste kennis kan ophalen en correct kan inzetten.
Dat kan wel degelijk met meerkeuzevragen. De stam beschrijft dan een kleine casus. De kandidaat moet die casus analyseren en interpreteren, en vervolgens combineren met eigen parate kennis om het goede antwoord te vinden. Maal 144, binnen 3 uur.

30 juni 2014

Goede 'e-learning' = goede toetsing

Zojuist heb ik een korte cursus afgerond, voor docenten van de universiteitsbibliotheek. Over het ontwerpen van online zelfstudiemodules. Die term 'online zelfstudiemodules' is, na lang zoeken, mijn antwoord op de verwerpelijke modeterm 'e-learning' en de stoffige term 'COO-programma'. Je moet, naar mijn idee, de dingen benoemen naar wat ze zijn.

Ik ontwerp die modules al zo'n 35 jaar, zo ben ik zelfs in het vak gerold. Maar een cursus verzorgen óver dat ontwerpen, dat had ik nog nooit gedaan.

Wat is nu kenmerkend voor een online zelfstudiemodule? Dat studenten die zelfstandig bestuderen. Liefst een grote doelgroep over langere tijd, want zo'n ding maken is duur. Die studenten verschillen onderling enorm, en het mooie van deze techniek is dat je daar rekening mee kunt houden. Maar de meeste modules doen dat nauwelijks: ze bieden een brok info, een simpel vraagje, meer info, etcetera. Eigenlijk geven ze heel ouderwets, docentgecentreerd, les.

Goede zelfstudiemodules werken andersom. Ze stellen vragen, de student antwoordt, en afhankelijk van dat antwoord komt er eventueel info, hulp, een vertakking, een verwijzing, noem maar op.

Kortom: de feedback is essentieel. En daarmee vallen goede online zelfstudiemodules samen met goede formatieve toetsen.

  • Blogje Naar een positie verderop in deze webpagina Paradigmawisseling
  • Blogje Naar een positie verderop in deze webpagina Antieke COO opgedoken
  • Column Studeren zonder muisNaar pagina elders in nieuw venster, 2000
  • Onderwijsadvieselement 28: Ontwerpen van online zelfstudiemodules
Klik voor vergroting in nieuw venster
Oud werk: het simulatieprogramma WASMEER, 1986, bevatte een zelfstudiemodule (een 'tutorial') als inleiding. In oude stijl: eerst informatie, dan een vraagje, en dan feedback. Dat doen we nu dus andersom. Moeilijker om te maken, maar veel effectiever.

23 april 2014

Klare taal en rode woordjes

"Ze moeten dat gewoon kennen" en "daarop worden ze afgerekend" - twee uitspraken die veel docenten helemaal niet letterlijk zo bedoelen, maar wel uit gewoonte nog gebruiken. Bij mij gaan oranje waarschuwingslampjes knipperen als ik ze hoor, en rode als ik ze lees. Het zijn toch de studenten die hier studeren?

Ik raad docenten aan om letterlijk op hun woorden te passen. Dwing jezelf de woorden te gebruiken die passen bij je visie op leren en doceren, en je zult merken dat het veel makkelijker wordt om die visie ook uit te dragen en in je onderwijs te verwezenlijken.

Ze - die docenten - vroegen me die rode woordjes eens op te schrijven, op één A4'tje. Het paste net, met stiekem een A4'tje erbij voor de bijlagen. Klare taal in onderwijs. Verspreid de pdf gerust!


13 november 2013

En plotseling weer op een gymnasium

Ik werd zelfstandig onderwijsadviseur om ook buiten de universitaire wereld te kunnen werken. Dat gaat prima, met al die mensen die ik in de loop van de tijd heb leren kennen.

Maar soms valt een opdracht zomaar uit de lucht. Ik werd gebeld door Hein Bierman, conrector onderwijs van het Stedelijk Gymnasium te Haarlem, met het verzoek of ik op 13 november een workshop op een studiedag kon leiden. Over functies en effecten van toetsing. Hij had me met Google gevonden en meende op grond van mijn website dat ik dat goed zou kunnen.

Ik nam aan dat het om een misverstand ging en waarschuwde: "Ik weet vrijwel niets van het voortgezet onderwijs". Maar dat was juist een pré. Het ging erom dat de docenten eens uitgedaagd werden buiten de vanzelfsprekende kaders te denken.

Ik werk meestal met plezier, maar deze workshop deed ik met enorm veel plezier. Het voelde als tijdreizen - ik heb zelf op een gymnasium gezeten. De sfeer kwam me vertrouwd voor: ambitie, uitdaging, en aandacht voor individuele talenten van de leerlingen. En een al even heterogene docentenpopulatie, waardoor mijn manier van workshop leiden prima uit de verf kwam. Want twintig docenten in een goed gesprek komen veel verder dan één prekende deskundige.

En leerzaam bovendien. De universiteiten kunnen heel wat van het voortgezet onderwijs leren.

Stedelijk Gymnasium Haarlem, midden in de stad, al zo'n 600 jaar.
De foto heb ik 'geleend' van de Haarlem Debating Society - een activiteit aldaar die door leerlingen georganiseerd wordt.

20 januari 2013

Tekstverberger

Af en toe ben ik weer onderwijstechnoloog: het onderwijs verder helpen met technologie.

Zo trof ik pas een docent die een eenvoudige meerkeuzetoets in twee versies tegelijk beheerde: één die bedoeld was om aan de studenten voor te leggen, en één voor hemzelf, met aantekeningen erin over de correcte antwoorden, bronnen, etcetera.

Nu is dat niet handig, twee versies; voor je het weet gaan die ongemerkt verschillen op plekken waar je denkt dat ze nog hetzelfde zijn.

En zo'n individuele docent heeft weinig aan een advies over een itembanksysteem, als dat er op zijn instelling nog niet is.

Maar zoiets kan toch prima met Word, bedacht ik? Vijftien jaar geleden heb ik dat eens uitgezocht. Dat heb ik nu opnieuw gedaan en nu heb ik het opgeschreven. Zoals het een onderwijstechnoloog betaamt: gemengd met adviezen.

Met een uitstapje over de onvindbare Word-functie om bestanden te versleutelen. Ook handig.

Download het bestand via Onderwijsadvies - documenten. Graag reacties!
Venster in Word waarin je het verbergen kunt regelen, klik voor vergroting

 20 oktober 2012

Toetsprogrammamatrijzen

Steeds meer mensen zien in dat studenten bewust en onbewust leren om hun tentamen te behalen. Dat is verstandig van ze, en er is ook niets mis mee, als dat tentamen maar toetst of zij werkelijk de doelen van het onderwijs bereikt hebben, en als die doelen maar leiden tot het bereiken van de eindkwalificaties.

Hoe krijg je een overzicht van een opleiding? Vroeger ging dat door de vakinhouden op te stapelen; maar daarmee heb je dus niet de kern te pakken. Kun je niet een overzicht maken van hoe al die cursusdoelen bijdragen aan de eindkwalificaties?

Ja, dat kan. Maar voor je het weet heb je dan een vrijblijvende tabel met kruisjes. Wat betekent zo'n kruisje dan eigenlijk? Waar is dat op gebaseerd?

Met wat puzzelen heb ik een halfkwantitatieve methode bedacht die als uitgangspunt heeft: het relatieve belang van een doel blijkt uitsluitend uit de mate waarin de toetsing van dat doel meeweegt in de eindbeoordeling.

Drie keer lezen die zin; het is geen eenvoudige materie. Het leidt tot een toetsprogrammamatrijs. Mooi idee, elegant, maar is het praktisch haalbaar? Het zal blijken, de komende jaren.

Download de laatste versie (pdf); graag reacties!
Deel van een voorbeeldtabel, klik voor vergroting

 24 augustus 2012

Antieke COO opgedoken

Zolder opgeruimd, en dan vind je nog eens wat. Een eindeloos formulier, nog bedrukt door een kettingprinter vanaf een mainframe waar toen al, in 1981, de studenten via een beeldschermterminal leerden van een tutorial.

Het heette computerondersteund onderwijs en ik had als studentassistent de taak om het programma inhoudelijk te verbeteren. Je kon er mooie dingen mee:

  • een stuk tekst presenteren met een open vraag,
  • de student typt een antwoord,
  • het programma analyseert dat en geeft specifieke feedback op dat antwoord,
  • de student krijgt nieuwe tekst plus vraag ook afhankelijk van eerdere antwoorden.

Zie dat maar eens te doen met een toetsprogramma van tegenwoordig. Maar ja, primitief ging het wel: er was veel te weinig ruimte voor variabelen. En dus schreef je: p wordt p-2048; zo kon je wel 16 variabelen in ééntje stoppen. Bitneuken heette dat.

Programmacodefragment; klik voor vergroting in nieuw venster

 20 juni 2012

Paradigmawisseling

Of het advieswerk nu gaat over afstandsonderwijs, online samenwerking, verantwoorde toetsing, onderwijsefficiëntie of studiesucces: het kan pas werken als de betrokkenen loskomen van de oude, ingesleten, en onbewuste kijk op onderwijs waar we zo vertrouwd mee zijn.

Ik ben lang aan het zoeken geweest naar een begrijpelijke manier om het oude denken tegenover het huidige te zetten. Uiteindelijk kwam ik op leerstofgebaseerd onderwijs versus leerdoelgericht leren.

Het helpt echt. Aan de hand van die paar woorden kun je veel duidelijk maken. Soms gebruik ik een schema waarin ik het verder uitwerk: de lijn van ontwerpen loopt van boven naar beneden. Maar veel leuker is natuurlijk het rechterdeel open te laten en je cursisten dat zelf laten invullen en dan bespreken.

Oud en nieuw paradigma, klik voor vergroting
Dia uit de docentencursus BKO6 Doelen & toetsen

 12 april 2012

Weblectures, ze komen eraan

De Radboud Universiteit bezint zich op het invoeren van 'weblectures'. Daar verstaat niet iedereen hetzelfde onder: het kan variëren van een 'uitzending gemist' van hoorcolleges tot een systeem om onderling annotaties bij online video's te delen - gelijk de margenotities in middeleeuwse kloosterboeken.

In de commissie probeerde ik helderheid te verschaffen; en dan niet alleen met mijn powerpoints vol bewegende tekeningen, maar ook met echte voorbeelden. Hoe prettig dat ik een maand eerder zelf opgenomen was, met een behoorlijk geavanceerd systeem nog wel. Kon ik ervaring uit de eerste hand vertellen. Wel confronterend, om mezelf eens te zien zoals een ander me ziet. Sjonge.

Maar omdat-ie toch met google te vinden is, neem ik hier maar de link op, voor wie even kijken wil, of de knoppen proberen. De link brengt je middenin een nogal vraaggestuurde presentatie van SURFacademyworkshop. Met dank aan Chris Blom!


27 januari 2012

Zelfstudiepowerpoints

Vorig jaar heb ik twee publicaties geschreven, die Bea en ik gisteren voor onze workshops op het opheffingscongres goed konden gebruiken.

Ze zijn geschreven in, schrik niet, PowerPoint, en bedoeld voor zelfstudie én voor gebruik in een interactieve workshop. Ja, je kunt veel met PowerPoint, als je het met fantasie gebruikt. (Een tekenende dochter helpt ook).

De twee publicaties zijn zowel qua vorm als qua inhoud voor veel docenten nogal oogopenend. Verbaas je over de vorm (dat gaat in drie minuten) of over de inhoud (dat vergt 20 minuten).

Afbeelding van een van de zelfstudiepowerpointdia's. Klik om de publicatie te bestuderen.

11 januari 2012

IOWO-opheffingscongres: komt allen!

In één jaar tijds is IOWO zich eerst meer op het HBO gaan richten, daarbij ingekrompen, bijna samengegaan met een ander instituut, twee maal verhuisd, en tenslotte opgesplitst en opgeheven, waarna de overgebleven adviseurs nu de RU-opleidingen gaan ondersteunen, en dat na een derde verhuizing.

Bij wijze van zwanenzang organiseren we een congres op donderdag 26 januari, vanaf 14 uur, voor al onze huidige en oude relaties, en alle onderwijsbelanghebbenden. Gisteren heb ik 3900 mailtjes verzonden, waarvan er inmiddels 1200 zijn geopend. De inschrijving loopt!

Zorg dat je erbij bent, desnoods alleen op de receptie - voor de onderwijsbeleidsactieve studenten een mooie gelegenheid om de fameuze IOWO-bitterballenborrel alsnog te vieren.

Zie de nieuwsbrief, volg de links en schrijf je in!

Ingekorte afbeelding van de nieuwsbrief. Klik om de nieuwsbrief te lezen, etc.

23 november 2011

IOWO wordt opgeheven

Per 1 januari 2012 houdt IOWO in zijn huidige vorm op te bestaan, zo hebben we het geformuleerd op de website. Een deel van het werk wordt voortgezet, een deel wordt netjes afgerond, een deel wordt voortaan niet meer gedaan. Jammer! 

Wat wordt mijn werk? We gaan zien...

Stukje van de website van IOWO

 
© Willibrord Huisman 1990-2020
Reacties? Vragen? Graag!
Multifunctionele webstek:
permanent in ontwikkeling,
altijd wel ergens verouderd,
sinds november 2011.